De verschillen tussen Vlaams en Nederlands

Love poep

Love poep! De Maag Lever Darm Stichting spoort ons in een van haar campagnes aan vooral veel en goed te poepen. Voor Nederlanders hoogstens een wat vreemde slogan, maar onze Belgische fans liggen nu waarschijnlijk onder de tafel van het lachen.
Nederlands en Vlaams, meestal hetzelfde maar ook soms heel anders. Wij vroegen aan onze fans of ze de grappigste verschillen die ze ooit hadden opgemerkt wilden doorsturen. Het resultaat is een uitgebreide lijst van woorden, soms landelijk, soms regionaal. Heb jij zelf nog voorbeelden? Laat ze achter in een reactie. Bekijk ook de leukste taalverschillen in beeld.

Vlaams versus Nederlands

Aanrijden – Aankomen met de auto
Aansteken (van schoenen) – Aantrekken
Aard van het paardje – Aard van het beestje
Afgewerkt zijn – Klaar zijn met werken
Afstappen – Voor het zingen de kerk uitgaan
Ambetant – Vervelend
Ambras maken – Voor problemen zorgen
Ter plaatse afstappen – een onderzoek instellen
Een afstap maken (bij het café) – een pintje pakken
Aftrekken – Fles openmaken met een flesopener
Autostrade – Snelweg
Bal sjotten – Bal schieten
De bal misslaan – De plank misslaan
Basketsloefen – Gympen
Benomen – Druk
Bladjes – Vloeitjes
Betalende parkeerplaats – Betaald parkeren

betalend parkeren

Bokaal – Pot
Botten – Laarzen
Camion – Vrachtauto
Camionette – Busje
Chance hebben – Geluk hebben
Dampkap – Afzuigkap
Daar komt geen kat – Daar komt geen hond
Dat is er over – Dat is overdreven
Dikke nek hebben – Praatjes hebben
Droogkuis – Stomerij
Droogzwierder/ droogslingeraar/ droogkast – Centrifuge

centrifuge

Duimspijker – Punaise
Foto trekken – Foto maken
Frak – Jas
Friet – Patat
Gelijkvloers – Begane grond
Gezicht schminken – Make-up opdoen
Goesting – Zin, lust
Ik voel het aan mijn melk – Ik voel het aan mijn water
Ik zie u graag – Ik vind je leuk
Inslapen – De slaap vatten
Kakken – Poepen
Kattin – Poes
Kerst & Nieuw – Kerst en Oud & Nieuw
Kindje kopen – Kindje krijgen

kinderen per stuk

Kippenvlees – Kippenvel
Klak – Pet
Klappen – Kletsen
Klavier – Toetsenbord
Kleinmannen – Kinderen
Koemeke/ Tas – Kop
Koffer maken – Koffer inpakken
Kozijnen – Neven en nichten
Kuisvrouw – Schoonmaakster
Langs je zitten – Naast je zitten
Lavabo – Wastafel
Lekstok – Lolly
Een lesje spellen – De les lezen
Loontje komt om zijn boontje – Boontje komt om zijn loontje
Lopen – Rennen

laten lopen

Maandstonden hebben – Ongesteld zijn
Marcheren – Functioneren
Meepakken – Meeslepen
Met iemands voeten spelen – Iemand voor de gek houden
Mokske – Knap meisje
Mossel noch vlees – Vlees nog vis
Muizenstrontjes – Hagelslag
Mottig – Misselijk
Nonkel – Oom
Nood hebben aan – Behoefte hebben aan
Okkazie – Tweedehands
Onthaal – Receptie
Opkuisen – Wassen
Op je honger blijven zitten – Niet bevredigd zijn
Op kot – Op kamers
Op de trein – In de trein
Patat – Aardappel
Patiënt naaien – Patiënt hechten
Pepieter – Lessenaar
Pierewiet – Steekwagentje
Pinker – Richtingaanwijzer
Plezant – Plezierig
Plint – Kast
Plooifiets – Vouwfiets
Poep – Achterwerk/ kont
Poepen – Neuken

Hondenliefhebbers niet poepen

Poes – Vagina
Pompbak – Gootsteen
Pompelmoes – Grapefruit
Geen potten breken van – Geen verstand hebben van
Proper tapijtje – Schoon kleedje
Prossen – Morsen
Punt aan de lijn! – Punt uit!
Refter – Kantine
Rekker – Elastiekje
Rondpunt – Rotonde
Ruit aftrekken – Raam lappen
Scheefpoeper – Vreemdganger
Schoon kleedje – Mooie jurk

Net jurkje

Schoonbroer – Zwager
Schotelvod – Vaatdoek
Schuifaf – Glijbaan
Seffens – Straks
Sloefkes – Pantoffels
Sloppel – Slaap wel
Sleuren – Zoenen
Smossen – Morsen/ zoenen
Smoutebol – Oliebol
Snotvalling – Verkoudheid
Solden – Uitverkoop
Spannend – Strak
Stappen – Lopen
Stil spreken – Zacht spreken
Straat keren – Straat vegen
Straffe bak – BE: Snelle auto. NL: sterke kop koffie
Strijkhoutjes/ strekskes – Lucifers
Stuutje – Boterham
Subiet – Straks
Talloor – Bord
Tas en ondertas – Kop en schotel
Telefoon afpakken – Telefoon opnemen
Telefoon is plat – Telefoon(batterij) is op
Trein is afgeschaft – Trein is uitgevallen
Uiltje vangen – Uiltje knappen
Valschermspringer – Parachutist
Valies maken – Koffer pakken
Velcro – Klittenband
Verboden op het werk te komen – Verboden de bouwplaats te betreden

Verboden op het werk te komen

Verket – Vork
Verloren brood – Wentelteefjes
Verloren lopen – Verdwalen
Vijgen na Pasen – Mosterd na de maaltijd
Vijs – Schroef
Vol zitten – Zwanger zijn
Voormiddag – Ochtend
Weeral – Alweer
Wegomlegging – Omleiding

wegomlegging


Werken – Werk aan de weg
Werken vermijden – Omleiding wegens wegwerkzaamheden
Wipzaag – Decoupeerzaag
Zaad in het bakje – Brood op de plank
Zeker en vast – Vast en zeker
Zelfklever – Sticker
Zetel – Bank
Zich aanbieden – Zich melden
Zjat kaffee – Kop koffie
Zwerfauto – Camper

Weet je zelf nog leuke Vlaams-Nederlandse verschillen die hier niet bijstaan, laat het ons weten!

Woordweetje

Woordweetje in beeld: Teddybeer

Woordweetje in beeld: Teddybeer

Op onze website vind je al jarenlang onze woordweetjes: korte, interessante artikelen over de herkomst van een woord. Maar vanaf nu doen we het één keer per ma...


Boekrecensie

Boekrecensie: Met hartelijke groente

Boekrecensie: Met hartelijke groente

  “Nederlands is echt heel moeilijk om te leren!” Hoe vaak heb je dat wel niet gehoord of zelf gezegd tegen iemand die de taal niet spreekt. Waarom het dan...


Woordweetje

Woordweetje: schoolslag

Woordweetje: schoolslag

Als fanatiek hardloper en wielrenner krijg ik geregeld de vraag of ik ook aan zwemmen – lees: triatlons – doe. Mijn standaard antwoord is dan dat ik...