Boekrecensie: De wereld is weer plat, ja
Guus Middag neemt je mee op zijn reis door de hedendaagse poëzie in zijn boek 'De wereld is weer plat, ja'....
Het is de wet van Murphy in optima forma: je boekt een idyllische Airbnb in hartje Parijs, maar bij aankomst blijkt het een lekkende bezemkast zonder stromend water te zijn. Of je koopt een tweedehands auto die na exact tien kilometer met een sissende motor de geest geeft. In het Nederlands zeggen we dan dat je in de aap gelogeerd bent. We gebruiken het als de ultieme omschrijving voor de situatie waarin je ongewild in de nesten zit, een slechte deal hebt gesloten of simpelweg zwaar de sigaar bent. Maar wie was deze aap, en waarom hield hij er zo’n slechte hotelservice op na? Tijd om in te checken in het Amsterdam van de zestiende eeuw.
De uitdrukking verwijst naar een heel specifiek en roemrucht etablissement aan de Zeedijk in Amsterdam: het Amsterdamse café en logement ‘t Aapje (tegenwoordig bekend als café In ‘t Aepjen).
In de zestiende en zeventiende eeuw was de Zeedijk dé plek waar zeelieden van over de hele wereld samenkwamen na maanden op de woeste oceaan. De eigenaar van dit specifieke logement nam van deze zeelieden, bij gebrek aan contant geld, weleens exotische souvenirs aan als betaling voor de overnachtingen en de drank. Zo raakte de herberg in de loop der jaren overvol met levende apen die de zeelieden uit verre koloniën hadden meegenomen.
Dat klinkt als een gezellige, tropische beestenboel, maar de werkelijkheid was een hygiënische nachtmerrie. De apen zaten onder de vlooien, luizen en andere parasieten, die vrolijk oversprongen op de houten bedden, de lakens en uiteindelijk … op de gasten. Wie daar een nachtje sliep, lag de hele nacht te krabben en kwam gegarandeerd onder de beten en de jeuk weer naar buiten.
Bovendien stond de herberg bekend om een nogal duistere praktijk: ronselaars van de VOC hielden er matrozen die hun herbergrekening niet konden betalen nauwlettend in de gaten. Wie diep in de schulden zat bij de waard, werd min of meer gedwongen om te tekenen voor een loodzware, gevaarlijke bootreis naar Oost-Indië om de schuld af te betalen.
Wie destijds dus ‘in de aap logeerde’, was in alle opzichten zwaar de klos: je zat onder de vlooien én je liep het risico de volgende ochtend wakker te worden met een verplicht enkeltje naar de andere kant van de wereld.
Het logement is tegenwoordig een prachtig, monumentaal café waar je gelukkig volkomen veilig een drankje kunt drinken, maar in onze taal blijft de waarschuwing voor een slechte slaapplaats of miskoop onveranderd populair.
Dus de volgende keer dat je na een miskoop baalt dat je in de aap gelogeerd bent, kun je in elk geval opgelucht ademhalen. Je bent misschien een paar tientjes kwijt, maar je hoeft de volgende ochtend tenminste niet verplicht de zeilen te hijsen op weg naar Batavia. En die vlooien? Die vallen tegenwoordig gelukkig ook reuze mee.
Guus Middag neemt je mee op zijn reis door de hedendaagse poëzie in zijn boek 'De wereld is weer plat, ja'....
Een steeds groter wordende doorn in mijn oog is niet zozeer de taalverloedering als wel de schrijfverloedering. Waar is de juiste interpunctie gebleven? Met gek...
Tip voor de volgende keer dat je in een vergadering zit, waar je echt geen zin in hebt: vertel je collega’s zo nonchalant mogelijk dat je helaas weg moet omdat...
‘He-je ook kampeerseks?’ Ik kijk verbaasd om mij heen. We zijn net op een camping in Friesland aangekomen. Onze buurvrouw komt met haar fiets op me afgestapt. Z...