Woordweetje: een uiltje knappen

Na een zware lunch, tijdens een saaie zondagmiddag of net voor je aan de avonddienst begint: soms is er niets lekkerder dan even je ogen sluiten voor een kort middagdutje. In het Nederlands noemen we dat zo mooi een uiltje knappen. We associëren het nu met een heerlijk, onschuldig hazenslaapje. Maar waarom koppelen we onze rust aan een nachtvogel, en wat valt er in hemelsnaam aan zo’n beest te ‘knappen’? Tijd om de wekker te zetten en te kijken wie hier de rust verstoort.

Wie denkt dat we deze uitdrukking danken aan het feit dat uilen overdag weleens zitten te dommelen met hun ogen halfdicht, moeten we helaas uit de droom helpen. Dit is een klassiek voorbeeld van een volksetymologie: het klinkt logisch, maar historisch gezien klopt er niets van. De ‘uil’ uit deze uitdrukking vloog vroeger namelijk helemaal niet door het bos, maar fladderde rond in de textielnijverheid en de huishoudens van de zeventiende eeuw.

In die tijd was een ‘uil’ of ‘uiltje’ de volksnaam voor een heel specifiek type nachtvlinder of mot. Destijds wist men al dat de larven van deze insecten dol waren op wol en textiel, waardoor ze een enorme plaag vormden in kledingkasten en weverijen. Deze beestjes stonden erom bekend dat ze overdag volkomen stillagen op muren en stoffen of in kledingkasten, om pas in het donker actief te worden. Dat ‘knappen’ moeten we dan ook heel letterlijk nemen: het betekende destijds kraken, stukknippen of doodknijpen.

Als mensen overdag een rustende nachtvlinder of mot zagen zitten, grepen ze hun kans om het schadelijke ongedierte met hun vingers of een doekje dood te drukken: ze knapten een uiltje. Het ‘uiltje knappen’ werd al snel een handig eufemisme voor het doen van een dutje. Als je overdag stiekem zat te knikkebollen en werd betrapt, kon je immers vlot beweren dat je doodstil zat te wachten om zo’n roerloze mot te pletten.

In de loop der eeuwen verdween de betekenis van de nachtvlinder naar de achtergrond en dachten we bij een ‘uil’ automatisch aan de vogel met de grote ogen. Het fanatieke motten-pletten veranderde in onze taal zo langzaam in een vredig dutje.

Dus de volgende keer dat je na de lunch even wegzakt op de bank, weet je dat je historisch gezien eigenlijk op insectenjacht bent. Je bent geen luiaard; je bent in gedachten gewoon heel nuttig de textielvoorraad aan het beschermen. En met dat excuus slaapt het toch net even wat lekkerder.

Lees nog meer interessante woordweetjes.

Boekrecensie

Boekrecensie – Het ABC van JP 2

Boekrecensie – Het ABC van JP 2

Hoeveel merknamen hebben een nep-Italiaanse naam in de Nederlandse supermarkt, denk je? (Spoiler: meer dan je pasta-minnende hart aankan) En waarom trappen we d...


Column

Column: Chill

Column: Chill

“Meneer, u bent echt chill.” Het is maandagmorgen en een leerling lacht van achter zijn tafeltje, nadat ik mijn klas in het begin van de les heb medegedeeld dat...


Boekrecensie

Boekrecensie: Taalkunstenaars – Diggy Dex

Boekrecensie: Taalkunstenaars – Diggy Dex

De nieuwe CD van je lievelingsartiest kopen, het boekje uit het doosje peuteren en de teksten meelezen tijdens het luisteren. En dan fantaseren waar en waarom d...