#Wouter van Wingerden


923 shares

Ik snap 'm niet

[intro]Op zaterdagavond 16 december 2017 vond de allereerste editie van Taalvoutjes-het dictee plaats. Wat was het een fantastische avond![/intro] In de prachtige aula van het Vossius Gymnasium was het dicteezweet te ruiken, van de overweldigende hoeveelheid deelnemers die zo dapper waren mee te schrijven. Stiekem zat her en der nog een przewalskipaardje en een tseetseevlieg in de tekst verstopt, maar dat mocht de pret niet drukken. Wouter van Wingerden – spellingexpert én auteur van o.a. het boek 'Maar zo heb ik het geleerd!' – schreef het dictee en de presentatie was in handen van stand-up comedian Tom Lash. En de hoofdprijs? Die ging naar Bert Jansen; hij versloeg met slechts 11 fouten alle andere deelnemers. Niet alleen verdient hij eeuwige roem; ook ontving hij de nieuwste editie van de Dikke Van Dale!

De winnaars van Taalvoutjes-het dictee 2017

De winnaars op een rijtje (v.l.n.r Jeroen van Heemskerck Düker (14 fout), Bert Jansen (11 fout) en Annemarie Braakman (13 fout)

  Hieronder vind je de gehele dicteetekst.

Taalvoutjes - het dictee 2017

Tabee, coryfee

1. Nu het Groot Dictee der Nederlandse Taal rücksichtslos bij het grofvuil is gezet, kunnen BN’ers en BV’s zich nooit meer vergalopperen aan przewalskipaarden en tseetseevliegen in de Eerste Kamer der Staten-Generaal. 2. De weggebonjourde Philip Freriks zal menig onchic f-woord zijn ontglipt in een Parijs 3 Michelinsterrenrestaurant (of drie-Michelinsterrenrestaurant), moederziel alleen aan een beaujolaistje na een sliptong met rauweandijviestamppot en haricots verts. 3. Misschien mijmert hij over een gereanimeerde carrière als Andrés, Janny’s en Robèrts sidekick die zich tegoed doet aan goedbedoelde sachertorte en kaiserschnitt. 4. Maar Freriks’ vergevorderde leeftijd is zelfs bij Omroep MAX een nono als de 56-jarige (of zesenvijftigjarige) Jeroen van Inkel bij NPO Radio 5 belandt als opvolger van Henk Mouwe en Manuëla Kemp; iedereen die zich nog herinnert hoe de Veronica-dj (of Veronicadeejayuit zijn radio-dubbelcassettedeck schalde, is sowieso geen millennial. 5. Met dat etiket zijn jarentachtig- of -negentigkinderen (of jaren 80- of 90-kinderen, of jaren 80- of -90-kinderen) en masse bestempeld als ADHD’erige fitnessjerommekes of gestreste bakfietssters wier brein vatbaar is voor een burn-out en een brij aan complottheorieën. 6. Of ze zijn daarentegen geüpgraded tot van die superenthousiaste Green Happinesschickies of genderfluïde hipsterbarista’s: early adopters met iPhone X’s, door wie 24/7 gefacebookt, geïnstaad en gesnapt wordt over detoxsmoothies en caffè lattes. 7. Dat is allemaal niet Philips pakkie-an: die viert ayahuascaceremoniën in een prieeltje tussen de rododendrons en het kan hem geen jota meer schelen hoe dicteediehards, taalnazi’s dan wel dyslectici het er in het Vossius Gymnasium van afbrengen. Gefacebookt, geïnstaad en gesnapt? Wouter van Wingerden legt je een paar lastige woorden uit het dictee hier uit:
En zo zag de avond eruit: Met dank aan Coen en Lotte van De Mannen Zonder Pak voor de fantastische sfeerimpressie van de avond! Taalvoutjes-het dictee 2017 Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee Taalvoutjes-het dictee  
Foto's: Ella Elisabeth

Het dictee in de media: Tom Lash bij Ruud de Wild Parool - Taalvoutjes het dictee

923 shares

Ik snap 'm niet

Maar zo heb ik het geleerd - Wouter van Wingerden[intro]“Wouden zijn bossen!” “Je mag nooit een komma schrijven voor ‘en’!” “Een aantal is enkelvoud!” Je hoort het je docent Nederlands nog roepen. Maar taal verandert en een aantal van de regels die je vroeger geleerd hebt, zijn al lang niet meer van toepassing. Wouter van Wingerden zoekt in Maar zo heb ik het geleerd! vijftig hete hangijzers tot op de bodem uit. Zodat je door de bomen het woud ... eh ... bos ineens weer ziet.[/intro] Door Fieke van der Perk We kunnen natuurlijk niet om dit boek heen, aangezien er een prachtige quote van onszelf op de achterflap staat:

"Maar zo heb ik het geleerd! is Genieten met een grote G voor iedereen die ook maar een beetje liefde voor taal voelt. Een boek dat je wilt (of is het wil?) lezen!”

Gelukkig hebben we hier wat meer ruimte om uit te leggen waarom we dit leesvoer zo gaaf vinden. Wouter van Wingerden wilde iets doen aan halve waarheden en hele leugens over het Nederlands, zo is te lezen in het voorwoord. Daarom heeft hij een enquête uitgezet, die door bijna 17.000 mensen is ingevuld. Leuk feitje: de oproep op onze eigen Facebookpagina leverde de meeste deelnemers op. Dus eh, bedankt nog! De resultaten zijn op een fijne, vlot leesbare manier gebundeld in dit boek en de vijftig hete hangijzers worden uitgebreid besproken. Van Wingerden begint met de resultaten van zijn enquête, waaruit blijkt welke vorm of schrijfwijze het meest aanspreekt of het meest correct bevonden wordt (en dat is lang niet altijd dezelfde), gevolgd door een uiteenzetting van wat experts zeggen, hoe het precies zit en wat je kunt onthouden om het de volgende keer helemaal goed te doen. Zo vindt 31% alleen 'een heel fijne vakantie correct' en slechts 10% 'een hele fijne vakantie', maar geeft wel het merendeel de voorkeur aan de laatste variant. En wat vertellen de experts? Dat allebei de varianten mogen, zij het dat 'heel' beter is in formele teksten. Van Wingerden geeft geen droge opsommingen van de resultaten van zijn onderzoek, maar schrijft op een boeiende en verklarende manier over taalconstructies. Zo vindt hij soms opvallende verschillen tussen Nederlanders en Vlamingen of tussen jongeren en ouderen. Het boek leest heerlijk weg en zorgt ervoor dat je weer helemaal up-to-date bent!
Is dit boek geschikt voor jou? JA: Als je wilt weten hoe het nu écht zit en een weerwoord wilt hebben tegen al die vervelende mensen die voor alles een taalregeltje klaar lijken te hebben, dan is dit boek echt iets voor jou. NEE: Als taalverbeteraars niet op je zenuwen werken en je niet gelooft in taalverandering, dan kun je dit boek wellicht beter overslaan.

Een voorproefje:

https://issuu.com/vbku/docs/9789460773266_biw_inkijk Auteur: Wouter van Wingerden Uitgeverij: Van Dale Jaar: 2017 Pagina’s: 144 Meer van Wouter van Wingerden: [line] Wouter van Wingerden door Jan ArsenovicWouter van Wingerden doet naar eigen zeggen ‘iets met taal’. We durven dat wel een understatement te noemen: hij schreef columns voor Nu.nl, werkte bij het Meertens Instituut én was taaladviseur bij Onze Taal. Vorig jaar verscheen het boek Dat hoor je mij niet zeggen! met de mooiste taalclichés die hij samen met Pepijn Hendriks dertien jaar lang verzamelde. Vorige maand schreef hij voor Taalvoutjes de column Stokpaardjes van schoolmeesters over zijn bevindingen met deze hete hangijzers in de taal én hij schreef een column voor Taalvoutjes - het boek 4. Al eerder schreef hij de column ‘Dat scheelt weer een postzegel‘ en ‘Het ruikt nu al lekker!‘ voor ons. Lees meer over Wouter

923 shares

Ik snap 'm niet

[intro] "Ik heb een cadeau gehad." "Hoezo, heb je het dan nu niet meer?" "Ik wens je een hele fijne vakantie!" "Geen halve, mag ik hopen." [/intro] Door Wouter van Wingerden Had of heb jij ook zo’n ‘grappige’ vader? Of moeder, broer, zus, partner of anderszins? Zo’n wijsneus die het beter denkt te weten en jou fijntjes op je gebrekkige taalgebruik wijst, niet één keer, maar telkens weer? Mensen waartegen – o nee, tegen wie – je haast niets meer durft te zeggen omdat ze hun talige stokpaardjes maar blijven berijden. ‘Schoolmeesters’ noem ik ze. Van het ouderwetse soort, want ze geven je een flinke tik op de vingers om elke komma voor 'en', elk meervoud bij 'een aantal' en elk zwaar bij 'wegen'. Het zijn geen handvaten maar handvatten, de reizigers worden niet verzocht en je print wel iets, maar niet uit. En o, wat zijn ze trots als ze je daarmee terechtgewezen hebben! Ze hebben het tenslotte zo geleerd, vroeger op school. Helaas voor die grappige vader, betweterige broer en bijdehante tante, voor de krampachtige collega en de pedante partner: ze hebben vaak helemaal geen gelijk. Nu niet, en vaak zelfs vroeger al niet. Want veel van zulke regels zijn geen harde waarheden. Soms zijn het pure verzinsels! Zo zitten we dankzij de taalkundige Christiaen van Heule al sinds 1625 opgescheept met de onnatuurlijke hen/hun-regel: ‘hun’ is meewerkend voorwerp (“Ik geef hun een fles wijn”), ‘hen’ lijdend voorwerp (“Ik zie hen”). In de achttiende eeuw bedacht iemand dat “de vrouw waarmee hij wilde trouwen” niet meer mocht. Dat wouden slordiger is dan wilden, is een negentiende-eeuws oordeel. En de regel dat een aantal mensen zijn fout zou zijn, is pas in de twintigste eeuw verzonnen – en massaal verspreid. Zonder goede reden, maar inmiddels fel verdedigd. Dezelfde schoolmeesters berijden ook triomfantelijk hun stokpaardje van het ‘logisch’ denken: "Mijn zus is vegetarisch." "Huh? Ik dacht dat ze van vlees was?" "Heb je dan geen honger?" "Nee." En in dat laatste geval dan verbaasd zijn dat je niets te eten krijgt, omdat je heel koppig wiskundig redeneert: geen honger + nee = wel honger. Zo werkt taal niet. Wie dat wel denkt en vooral wie dat stug aan anderen opdringt, bemoeilijkt de communicatie tussen mensen en ziet taal ten onrechte als iets statisch, als iets waarin alles zwart-wit is, waarin geen variatie kan en mag voorkomen. Als dat laatste echt het geval was, was het Nederlands morsdood. Dus volgende keer als er weer iemand elk overbodig ‘om’ wil schrappen, 'omdat' in 'doordat' wil veranderen of zegt dat het 'heeft gedaan' moet zijn omdat 'gedaan heeft' Duits zou zijn, sla ze dan om de oren met wat je in Maar zo heb ik het geleerd! hebt gelezen. Want dan weet je écht hoe het zit: dat het Nederlands veel ruimhartiger is dan sommige mensen zouden willen. En als je toevallig zélf een ‘schoolmeester’ bent die na deze column nog troost nodig heeft: nee, niet alle oude vertrouwde normen hoef je overboord te gooien. Hun hebben, groter als, overnieuw, het boek wat, de media is: er zijn klassieke taalfouten die we met z’n allen nog steeds écht fout vinden. Geniet ervan zolang het kan. [line] Wouter van Wingerden door Jan Arsenovic Wouter van Wingerden doet naar eigen zeggen ‘iets met taal’. We durven dat wel een understatement te noemen: hij schreef columns voor Nu.nl, werkte bij het Meertens Instituut én was taaladviseur bij Onze Taal. Vorig jaar verscheen het boek Dat hoor je mij niet zeggen! met de mooiste taalclichés die hij samen met Pepijn Hendriks dertien jaar lang verzamelde. Op 7 juni 2017 verscheen zijn boek Maar zo heb ik het geleerd! waar de vijftig heetste hangijzers in de Nederlandse taal aan bod komen.   [line] WINNEN! We mogen vijf exemplaren weggeven van Wouter van Wingerdens nieuwste boek Maar zo heb ik het geleerd!. Laat in een reactie hieronder weten welke taalregel er bij jou op school zo ingestampt is dat je deze nooit meer zult vergeten. Wie weet valt het boek dan binnenkort bij jou op de mat! Meer zien? Blader door het inkijkexemplaar of bestel het boek:  https://issuu.com/vbku/docs/9789460773266_biw_inkijk [line]

Wil je zelf je taaloverdenkingen terugzien op onze site? Stuur je column in.


923 shares

Ik snap 'm niet

Foto door Jan Arsenovic

Kijk naar je eigen!

Leedvermaak is zo oud als de mensheid. We vinden het heerlijk om te lachen om andermans stommiteiten. Het deed het vroeger al goed op tv en het halve internet hangt er inmiddels van aan elkaar – op YouTube vind je eindeloze reeksen bloopers, valpartijen en pijnlijk afgestrafte stoerdoenerij. Taalvoutjes is … Tja, wat zijn we? Je leest het in Taalvoutjes - het boek 4.

Wouter van Wingerden

Wouter van Wingerden doet naar eigen zeggen ‘iets met taal’. We durven dat wel een understatement te noemen: hij schreef columns voor Nu.nl, werkte bij het Meertens Instituut én was taaladviseur bij Onze Taal. Vorig jaar verscheen het boek Dat hoor je mij niet zeggen! met de mooiste taalclichés die hij samen met Pepijn Hendriks dertien jaar lang verzamelde. Op 7 juni 2017 verscheen zijn boek Maar zo heb ik het geleerd! waar de vijftig heetste hangijzers in de Nederlandse taal aan bod komen. Ruim 17.000 mensen, waaronder véél Taalvoutjesfans, lieten weten wat ze vonden van zaken als 'hij wilt', 'hun hebben', 'uitprinten' en 'een aantal zijn'. Het resultaat is een mix van strenge oordelen, verrassingen en verfrissende inzichten die sommige 'schoolmeesters' zal leren dat niet alles wat ze hebben geleerd ook daadwerkelijk klopt.
‘Taalmist trekt op dankzij Wouter van Wingerden’ - Frits Spits Genieten met een grote G voor iedereen die ook maar een beetje liefde voor taal voelt. Een boek dat je wilt (of is het wil?) lezen!’ - Vellah Bogle, Taalvoutjes

Blader door 'Maar zo heb ik het geleerd!':

https://issuu.com/vbku/docs/9789460773266_biw_inkijk Wouter schreef al eerder de column 'Dat scheelt weer een postzegel' en 'Het ruikt nu al lekker!' voor ons. Meer van Wouter van Wingerden:

923 shares

Ik snap 'm niet

[intro]"Nou, dan zal ik maar eens met het eten beginnen." Dikke kans dat er dit kerstweekend in al die huiskamers weer tientallen clichés weerklinken. "Wil je me soms vetmesten?"[/intro] Door Wouter van Wingerden en Pepijn Hendriks De kerstdagen zullen bij miljoenen mensen heel standaard verlopen. Je ondergaat thuis of bij familie een kersttoespraak van de koning, Home Alone en Mariah Carey komen voorbij, er is een brunch met kerststol, een gezelschapsspel of zes en een grote kruiswoordpuzzel uit de krant. In de loop van de middag is het dan eindelijk zover: een ijverige thuiskok stort zich op het diner van het jaar. En dat ritueel brengt de nodige standaardzinnen met zich mee. Na een tijdje constateer je vanuit de huiskamer, als het tenminste goed gaat: "Het ruikt nu al lekker!" En zo niet, dan uit je je bezorgdheid: "Gaat dat wel goed daar, in die keuken?" Je informeert voor alle beleefdheid in elk geval even bij de kok: "Kan ik nog iets doen?" "Ja, het opeten!", zal die mogelijk zeggen. En dan mag het hele gezelschap aanschuiven bij het chique servies op de uitgeschoven tafel met decoratief kersttafelkleed. Een amuse. "Zo, dat ziet er spannend uit!" Een bijzondere soep wordt aangekondigd. "Ik weet niet wat het is, maar het klinkt lekker." De tafel wordt volgebouwd met schalen vlees, bijzondere groenten, sauzen en bijgerechten. "Jullie hebben er wel werk van gemaakt, zeg." "Zo krijg je het niet in een restaurant!" "Het is bijna zonde om het op te eten." "Het is allemaal even lekker." "Jij mag vaker koken." "Ik kan wel blíjven eten!" Als het althans niet tegenvalt. "Hoe eet je dit netjes?" "Wat zitten we eigenlijk te eten?" "Dan moet je niet meteen zo’n vies gezicht trekken." "Ik ben toch geen konijn?" "Dan eet je er maar omheen." Of zelfs: "Als we morgen allemaal ziek zijn, weten we waar het aan ligt." Maar als het goed is, eet iedereen met smaak z’n buikje rond. "Hou je wel een plekje vrij voor het toetje?", waarschuwt iemand met vooruitziende blik. En daar komt hij of zij afgesloofd maar trots met een calorierijk slotakkoord aanzetten. "Met fruit, dus het is gezond." "Wat een verwennerij!" "Er is nog meer, voor de liefhebber." "Anders blijf je er maar mee zitten." "Ik kan geen pap meer zeggen!" [line]

Dat hoor je mij niet zeggen!

Ons kerstcadeau In het boek ‘Dat hoor je mij niet zeggen!’ staan ruim 1500 van zulke taalclichés. Heb je na deze column nog clichéhonger? Je krijgt nu het hele hoofdstuk over eten cadeau! Ook op Facebook en Twitter geven Wouter van Wingerden en Pepijn Hendriks elke dag een cliché weg. Wil je zelf je column terugzien op onze site? Stuur je column in.

923 shares

Ik snap 'm niet

[intro]Elke taal heeft ze: standaardzinnen die je gebruikt in alledaagse situaties. ‘Zo vind je nog eens wat’, ‘Het kan nooit ver meer zijn’ en ‘Ik zal blij zijn als het vijf uur is’. In de afgelopen dertien jaar hebben wij er vijftienhonderd verzameld. Welke van die zinnen behoren nu niet alleen tot de Nederlandse taal, maar zeggen vooral ook iets over de Nederlandse cultuur?[/intro] Door Wouter van Wingerden en Pepijn Hendriks

Zachtjes regenen

In onze streken is het vaak nat en koud. Het weer is daardoor een grote bron van clichés. Wat dacht je van deze? ‘Als de zon weg is, is het ook gelijk fris.’ ‘Ik geloof niet dat we het droog houden.’ ‘Het is wél goed voor de tuin!’ ‘Voel ik nou een druppel?’ Juist door die kou en nattigheid genieten we extra van droge en zonnige momenten: ‘Het is geen weer om binnen te blijven.’

Postzegel

De clichés die we verzamelden over geld bewijst dat de Nederlander nog lang niet van zijn stereotiepe zuinigheid af is. ‘Dat scheelt weer een postzegel’ is een klassieker als je iets mee- of afgeeft. Met ‘Zo, doe maar duur!’ laat je licht misprijzend merken dat iemand wel erg veel geld aan iets heeft uitgegeven. Zonder twijfel oer-Nederlands is: ‘Dat kostte het vroeger in guldens!’ Die krenterigheid kan knap irritant zijn: ‘Het mag zeker weer niks kosten?’ Maar ja, ‘de dure maanden komen er weer aan!’ Als je op 5 december iets van je wensenlijstje krijgt, zeg je quasilollig: ‘Hoe wist Sinterklaas dat nou?’ En een kleine maand later weet je dat iedereen ‘nee’ gaat zeggen op ‘Iemand nog een oliebol?’.

Als gekken

Ook het buitenland bekijk je door je Nederlandse ogen. Bijvoorbeeld aan tafel: ‘Ik weet niet wat het is, maar het klinkt lekker.’ ‘Kun je dat eten?’ ‘Als we morgen allemaal ziek zijn, weten we waar het aan ligt.’ Of in het verkeer: ‘Ze rijden hier als gekken!’ Maar ondertussen haal je in idyllische stadjes zelf ook rare capriolen uit: ‘Dat bepaal ik zelf wel’, want ‘er staat nergens dat het niet mag.’

Hèhè

Een misschien wat onverwacht typisch Nederlands cliché is ‘Hèhè, ik zit.’ Puur omdat het woord 'hèhè' in andere talen schijnt te ontbreken. Je vraagt je af hoe dat kan. Kennen ze over de grens het genot van de stoel na een dag rennen en vliegen (‘Ik heb de hele dag nog niet gezeten’) niet? ‘Als je er eenmaal een hebt, wil je nooit meer zonder.’ Sommige clichés sterven gelukkig uit. Ooit was ‘Jij hebt de oorlog zeker niet meegemaakt?’ een ernstige vraag. Gaandeweg is het een wat flauwe opmerking geworden. En nu zijn we ongeveer van dat nationale trauma af. ‘We leven in een vrij land, tenslotte.’  

Dat hoor je mij niet zeggen!WINACTIE

Wouter van Wingerden en Pepijn Hendriks bundelden hun verzameling clichés in het boek 'Dat hoor je mij niet zeggen!', verschenen bij uitgeverij Thomas Rap. Meer informatie: dathoorjemijnietzeggen.nl. Meer clichés krijg je dagelijks via Facebook en Twitter.

We mogen vijf exemplaren van het boek weggeven! Wat moet je daarvoor doen? Deel hieronder in een reactie jouw favoriete cliché. Onder de leukste en origineelste inzendingen verloten we de vijf exemplaren.