Boekrecensie: Make that the cat wise
Met Louis van Gaal aan het roer bij voetbalclub Manchester United, maakte het stonecoalenenglish – oftewel ‘steenkolenengels’ – een heuse comeback i...
Er is wat vreemds met mij aan de hand. Ik vind mezelf altijd wel een aardig taalmeisje, maar nu gebeurt er iets dat ik niet leuk vind. Kijk, van de beroemde bommelding kijkt niemand meer op. En ook het pijpetuitje kennen we, alhoewel, roken is steeds minder populair. Ik bedenk nu dat tegenwoordig baarden weer in zijn en dat daarom misschien ook binnenkort de geitenwollen sokken en mogelijk de pijp weer hun intree doen. En in de slipstream het pijpetuitje. Kijk en daar hebben we het. Zonder dat ik er erg in heb gebruik ik een Engels woord.
Door Jannet Kuipers
Laatst had ik een tweedaagse. Een snelle, hippe psycholoog moest ons wegwijs maken in een digitale competentiemeter. Ja ja, een digitale competentiemeter. Woorden als upstreamen, downloaden, browser, follow-up vlogen ons links en rechts om de oren en ik begreep het bijna allemaal! Ik betrap me er zelfs op dat ik soms denk ‘even mijn agenda updaten’. Brrrr.
Dat is dan nog het Engels. Maar nu merk ik dat ik Nederlandse woorden als Engelse woorden herken. Bijvoorbeeld het woord beamen. Ik zal het even anders opschrijven, BE-AMEN. Ik hoor u denken ‘Oh, bedoel je dat!’ Ik weet zeker dat u kunt beamen dat u aan beamen dacht en niet aan beamen. Ik ben ervan geschrokken. Of is dat dom? Mogelijk. Wij zijn een klein landje en moeten ons handhaven in een grote wereld waarin Engels een belangrijke voertaal is.
Ik zit tegenover mijn zoon die zegt dat er een interessant programma op tv komt. Het heet ‘Love at first kiss’. Hij legt uit dat er eerst gekust gaat worden en dan gedate … Huh? Ik vraag aan hem welke programma’s er nog meer een Engelstalige titel hebben. Dat vindt hij fucking moeilijk zo in een keer te zeggen. Zo at random kan hij niet wat bedenken. Ik stop maar, er is geen ontkomen aan. Ik moet me niet verzetten, maar me overgeven. Ik ben toch immers een taalmeisje? Een beetje Engels door de Nederlandse taalsoep moet kunnen. Misschien wordt-ie er wel lekkerder van. Er zijn woorden die wat mij betreft ook zo aan onze taal mogen worden toegevoegd. Gewoon omdat ze zo lekker lopen. Bijvoorbeeld het woord haberdashery. Maar dit woord zal het wel niet halen. Volgens mij is het een garen- en bandwinkeltje. Een ontzettend gedowndate winkeltje dus, en ook een gedowndate woord.
Ik heb mezelf na dit gepruttel eens streng toegesproken en heb geconstateerd dat ik een meer open mind moet hebben. Dan zal ik veel meer van de wereld begrijpen. Ik zal mijn zoon en moderne psychologen begrijpen. En als dat het geval is, wordt de wereld leuker en heb ik meer fun.
Ik denk dat u dit kunt beamen.
Zelf je column terugzien op onze site? Stuur je column in en wie weet lees je hem hier terug. Geplaatste columns worden beloond met een leuk Taalvoutjespakket.
Met Louis van Gaal aan het roer bij voetbalclub Manchester United, maakte het stonecoalenenglish – oftewel ‘steenkolenengels’ – een heuse comeback i...
Het Smibanese is een dialect van de straattalen in Nederland. Het is een versmelting van Surinaams, Engels, Papiaments, Marokkaans, Turks, Ghanees en tot slot N...
Een recente vrijdagmiddagborrel met een vriendin die in de modewereld zit. “Tuurlijk, Sinterklaas en Zwarte Piet zijn niet meer van deze tijd,” zegt...
“Nou, dan zal ik maar eens met het eten beginnen.” Dikke kans dat er dit kerstweekend in al die huiskamers weer tientallen clichés weerklinken. R...