#Marc van Oostendorp


923 shares

Ik snap 'm niet

[intro]Wat ik het leuke van taalkunde vind? Met taalkundigen, of in elk geval mensen die van taal houden, kun je oneindig ouwehoeren over zaken en woorden die andere mensen heel normaal vinden. De Whatsappgroep van de redactie Taalvoutjes is daar geen uitzondering op: geregeld hebben we hele conversaties over woorden of gezegden, waar ze vandaan zouden komen en waarom ze eigenlijk zo raar (en daarom zo mooi) zijn. Veel van onze woordweetjes komen dan ook uit dat soort gesprekken.[/intro] Door Jojanneke Drapers In U als scheldwoord kwam een prachtig voorbeeld van zo’n gesprek naar voren. Auteur Marc van Oostendorp ging koffie drinken met een stel taalliefhebbers; iemand noemde de koffie ‘prima’ en er ontstond een gesprek van een halfuur over het woord ‘prima’. Bij driekwart van mijn vrienden hoef ik zoiets niet te proberen, want dan krijg ik zo’n ‘heb je háár weer’-blik. Om die reden is dit boek - in elk geval voor mij - een ware verademing. Van Oostendorp gaat op enorm droge wijze in op taalverschijnselen die je niet vaak uit de mond (dan wel pen) van ‘een professor met een grijze baard’ hoort/ziet komen. De mogelijkheden van het veelzijdige woord ‘kut’ worden bijvoorbeeld uitgebreid besproken, inclusief voorbeelden – waar mogelijk van Twitter gehaald, dus met spelfouten en andere grove uitspattingen. Maar om die grofheid gaat het juist niet bij Van Oostendorp. In U als scheldwoord wordt ons compleet onbevangen een kijkje gegund in de Nederlandse taal, zoals die door weinigen wordt bekeken. Van Oostendorp heeft niet alleen Twittertaal uitgeplozen, maar ook de uitspraak van het woord 'lychee' en de taal van vierjarige kinderen komt aan bod.  Daarnaast ga je je vanzelf verwonderen over hoe knullig het woord ‘koffie’ wordt als je het heel vaak op één bladzijde leest. Ben je iemand die zich vooral stoort aan ‘de taal van de jeugd’, straattaal haat en Twitter verwerpelijk vindt? Dan zou ik dit boekje lekker laten liggen. Als je je echter door bovenstaande voorbeelden aangesproken voelt en ook nog nieuwsgierig bent naar waarom de uitdrukking ‘vrouwen en kinderen eerst’ in het voetbal wordt gebezigd - om maar wat te noemen -, dan moet je nú naar de winkel rennen, of bestel het boek online. Benieuwd naar meer? Lees dan ook eens de column ''Ja' als een warrelwind van emoties' die Marc van Oostendorp voor ons schreef.

Is dit boek geschikt voor jou?

JA: Als je je al tijden afvraagt waarom sommige mensen ‘kartholiek’ zijn – en wat dat eigenlijk is. NEE: Als je je liever niet helemaal de moeder wilt verbazen over de pracht van taal (en al helemaal niet hoeft te weten waar die uitdrukking vandaan komt). [line]

Meer van Marc van Oostendorp:


923 shares

Ik snap 'm niet

[intro]Het gebeurde toen ik weer eens naar Boer zoekt vrouw zat te kijken en zag dat er weer eens minutenlang een gesprek werd gevoerd met alleen maar het woordje 'ja'. Het gebeurde toen iemand me vertelde dat haar twaalfjarige zoon af en toe zei: "Lekker genederlandst, ma!", als ze zich een beetje stuntelig uitdrukte. Het gebeurde toen ik ontdekte dat iemand zich in een Twitter-discussie beledigd voelde omdat ik u tegen haar zei: "Je hoeft niet zo arrogant te doen!"[/intro] Ik begrijp niet waarom er mensen zijn die zich ergeren aan taal. Er is altijd zoveel aan te ontdekken! Steeds komen er weer nieuwe sprekers bij die alles steeds weer net een beetje anders doen, zodat je ontdekt: zo kan het ook. Iedere dag zijn miljoenen sprekers van het Nederlands aan het ontdekken wat ze nu weer allemaal voor nieuwe dingen kunnen zeggen in hun taal, hoe ze die taal nu weer net een beetje kunnen buigen. Dan kun je wel zeggen: mijn taal mag niet gebogen worden, maar je kunt net zo goed zeggen: kijk eens wat een kunstenaars die taalbuigers zijn. Kijk eens wat een kunstwerk er verborgen zit in mijn gebogen taal. Er valt kortom iedere dag wel iets te zien aan de taal. Die boeren in BZV bijvoorbeeld: waar hebben ze dat vandaan? In het Engels kun je heus niet op dezelfde manier een gesprek voeren. Probeer dit maar eens in het Engels te vertalen: (zuchtend) "Ja, dat …" (hoopvol:) "Ja?" (twijfelend:) "… Ja …" (enthousiast:) "Ja!" (verontschuldigend:) "Ja." (berustend:) "Ja." Een warrelwind van emoties, met slechts twee klanken: een j en een a. Ooit zijn we daarmee begonnen en nu vindt iedereen het heel gewoon. Waarom? Of neem die pubers maar eens met hun lekker 'genederlandst'. Ineens blijken kinderen in heel Nederland dat te zeggen. Tegelijkertijd kun je er geen bron voor vinden: er is geen tv-programma en geen vlogger die het al leek te zeggen vóór de rage kwam. Taalrages zijn ondergronds, ze slaan over van schoolplein naar schoolplein. Of neem dat beledigende van 'u'. Nog niet zo heel lang geleden was het alleen maar beleefd om 'u' tegen iemand te zeggen, een teken van respect. Maar inmiddels zien mensen het op internet kennelijk als te afstandelijk: normaal zeg je 'je' tegen elkaar en je grijpt pas naar 'u' als je wilt laten merken dat je weinig met de ander te maken wilt hebben. Zo vormen zich steeds, onder je neus, steeds nieuwe woorden en steeds nieuwe manieren om steeds nieuwe dingen te zeggen. Ik kan me daar iedere dag over verbazen. Soms schrijf ik er een stukje over – die stukjes staan in m'n nieuwe boek 'U als scheldwoord'.
Hoofdfoto door Naomi Leurink

[line] Over Marc van Oostendorp

Wie zo veel over taal weet en er óók nog zo graag zijn fascinatie over deelt, kan in onze ogen erg weinig fout doen. Maar dat is sowieso al moeilijk als je voor zowel het Meertens Instituut, Onze Taal én NRC Handelsblad werkt, om er maar een paar te noemen. Marc van Oostendorp heeft bovendien nog negentien boeken op zijn naam staan. Als wij het zo horen, is het knap dat hij nog tijd wist te vinden voor deze column.

Meer van Marc van Oostendorp: