Column: Tolerant fucken
De trein rijdt rustig. Rustiger dan ik zou willen; achter me heeft een groepje luidruchtige meiden de treinbank geconfisqueerd. Trein, inboedel en reizigers zij...
“Bloed, heb je die kino gezien waarin die kil moeilijk zieke shit doet om aan een djoenta te komen?’
“Ja, man. Die kino van vorige week toch, G?”
“Zuiver! Ik ging helemaal stuk. Ik zeg je eerlijk, platta ging ik, G. Deze man hosselt ‘m keihard voor die doekoe.”
“Dus dát, G! Hé, maar ik ga das, brada.”
“Waar ga je?”
“Ososee, G. Ik moet nog tjappen en later ga ik ‘m tappen met m’n matties en kijken of die nieuwe shoppa in fotto wat te choken heeft.”
“Ait, is cool man. Later bloed.”
“Later.”

Door Greg Wijngaarde
Taal van de straat, ik heb er een lichte crush op. Je kunt het gerust kalverliefde noemen. Ik moet hierbij wél opmerken dat ik absoluut geen virtuoos ben op het gebied van de taal van de stoeptegels. Ook draag ik de taal nog nét niet zo’n warm hart toe dat ik een broek aantrek met achterzakken die halverwege mijn kuiten beginnen en ter hoogte van mijn hielen eindigen.
Maar waarom ben ik nou als een onnozele tiener zo lyrisch over deze taalvorm? De reden hiervoor is dat de taalvorm zo extraordinair is; een merkwaardige verzameling van woorden en zinnen die in eerste instantie zo kenmerkend is voor een selecte groep gebruikers daarvan.
Misschien is het wel een hunkering naar nostalgie. Ik heb vanaf mijn geboorte drieëntwintig jaar lang in een overheersend kleur- en cultuurrijke wijk gewoond, midden in de Bijlmer. Op straat werd door de jeugd gesproken met woorden die ik niet begreep, maar juist omdát ik niet begreep wat er precies werd gezegd – het klonk voor mij als een soort geheimtaal – werd mijn interesse gewekt.
Hoewel ik het vroeger nooit echt heb gebruikt, kan ik (hedendaagse) straattaal nog zeer eenvoudig volgen. Het is misschien mysterieus voor oningewijden, maar speels, rauw en rebels voor mij. Ook al spreek ik in het dagelijks leven ABN, ik vind het heerlijk om uit het hokje van mijn gevestigde taalorde te stappen en licht mijmerend over die fantastische Bijlmermeer van vroeger mijn oren te spitsen en aangenaam te luisteren naar authentieke straattaal.
Je weet zelf toch, G?
Heb je ook een brandende taalkwestie die je van het hart moet? Stuur je column in en wie weet lees je die hier binnenkort terug.
De trein rijdt rustig. Rustiger dan ik zou willen; achter me heeft een groepje luidruchtige meiden de treinbank geconfisqueerd. Trein, inboedel en reizigers zij...
Twijfel jij ook altijd tussen hen, hun en zij? Je bent niet de enige! Deze drie kleine woordjes zorgen voor grote verwarring bij zelfs de meest taalvaardige Ned...
Cartoon: Arend van Dam Fout zijn ze niet, maar verwarrend kunnen ze wel zijn: taalverschillen tussen het Nederlands in Nederland en Vlaanderen. En net als taalv...
Van apen die uit mouwen komen tot honden in potten: het Nederlands zit vol rijke spreekwoorden die tot de verbeelding spreken. Maar over de grens kunnen ze er o...