Column: De ene vraag is de andere niet

Vergelijk onderstaande twee discussies eens.

  1. “Gaat de winkel niet open vandaag?” “Nee, vandaag niet …” “Oh, jammer.”
  2. “Gaat de winkel niet open vandaag?” “Ja.” “Oh, gaat-ie wel open?” “Nee.”

Of:

  1. “Hebt u geen mango’s?” “Nee, het seizoen is voorbij.” “Da’s pech.”
  2. “Hebt u geen mango’s?” “Ja.” “Waar liggen ze dan?” “Ik heb geen mango’s.”

Zin 1 is vraag en antwoord uit Nederland, zin 2 overkwam mij in Ghana de eerste drie maanden. Deze andere manier van communiceren heeft me regelmatig in verwarring gebracht.

Door: Nan van der Storm

De Nederlanders bevestigen eigenlijk wat de vraagsteller zegt. De Ghanezen zeggen of wat de vraagsteller zegt, juist is of niet. Je kunt je misschien wel voorstellen dat het soms tot hilarische toestanden heeft geleid. Ik kwam er in het begin maar niet achter of het nu ‘ja’ of ‘nee’ was, omdat ik niet begreep dat zij op vragen anders reageren dan Nederlanders.

Ik kan me voorstellen dat in het onderwijs Nederlands als tweede taal (NT2) aan mensen uit Afrika dezelfde verwarring optreedt. En dan is het dus niet zozeer een gebrek aan kennis van het Nederlands, als wel de andere manier van vragen beantwoorden waardoor de cursist minder lijkt te begrijpen.

Voor de praktijk hier in Ghana is het misschien handig om met vragen te komen waar geen ontkennend woord in zit.

Woordweetje

Woordweetje: Bekokstoven

Woordweetje: Bekokstoven

Toen ik laatst in een – enigszins jonger – gezelschap vroeg wat ze aan het bekokstoven waren, was de enige respons: “Be-wat?” Na een korte stilte en een heleboe...


Column

Meester Mark

Meester Mark

De onderwijzer Hij kneep zijn ogen stevig dicht en keek nog eens goed. Twee korte woorden waren het, keurig met krijt geschreven. Maar Henk ter Voorde, het hoof...


Column

Column: Ze spreken elkaars taal

Column: Ze spreken elkaars taal

Daar liggen ze dan, uitgeteld van een lange dag spelen, skaten, kletsen en giebelen. “Mogen we nog even kletsen?”, vroegen ze me. Maar van kletsen k...