923 shares
Pieneköttel, doakert, sjomp, dakhaos … we schelden wat af in ons land, en als het even kan lekker in ons eigen dialect.Daarom zijn we voor onze scheurkale...
In talentenshows zijn ze er dol op: Engelse woorden. Erik Woensdrecht vraagt zich af of dat niet anders kan....
Waarop twitteraar Kabos-Van der Vliet het eerste couplet van het gedicht van C. Buddingh' plaatst:
Ik ben de blauwbilgorgel,
Mijn vader was een porgel,
Mijn moeder was een porulan,
Daar komen vreemde kind’ren van.
Raban! Raban! Raban!
En dan maar voor de volledigheid even de rest van het gedicht:
Ik ben een blauwbilgorgel,
Ik lust alleen maar korgel,
Behalve als de nachtuil krijst,
Dan eet ik riep en rimmelrijst.
Rabijst! Rabijst! Rabijst!
Ik ben een blauwbilgorgel,
Als ik niet wok of worgel,
Dan lig ik languit in de zon
En knoester met mijn knezidon.
Rabon! Rabon! Rabon!
Ik ben een blauwbilgorgel,
Eens sterf ik aan de schorgel,
En schrompel als een kriks ineen
En word een blauwe kiezelsteen.
Ga heen! Ga heen! Ga heen!