Column: Lopen is rollen

Geduldig zat ik in mijn rolstoel te wachten in de lobby van het bankgebouw op de bankemployé waar ik een afspraak mee had die middag voor het jaarlijkse financiële spreekuurtje. Gelukkig duurde het wachten niet erg lang.

Door Corné Ouburg

“Loo … ik bedoel, rolt u maar even mee”, versprak hij zich bijna. En dat deed ik, want ik wilde niet het risico rollen om te verdwalen in dit immense bankgebouw. Ik weet daar natuurlijk de weg niet, want ik rol er de deur niet plat. Stel je voor dat ik per abuis de geldkluis inrol. Het rolt me bij de gedachte alleen al dun door de broek. En dan rol je ook nog het risico om voor inbreker te worden aangezien, dus dan moet je het op een rollen zetten, en voor je het weet rol je dan iemand van de sokken. Maar gelukkig rolde het zo’n vaart niet, want ik kon de bankbediende prima bijhouden. Want ik heb dan wel een dwarslaesie, maar ik rol nog als een kievit! Maar niet te snel, want hardrollers zijn doodrollers. Ik kreeg een parkeerplaats achter een bureau en bestelde eerst maar eens een kop koffie, want ik wilde niet meteen te hard van stapel rollen. Terwijl de accountmanager – zo stelde hij zich voor – zich het vuur uit de sloffen rolde voor mijn cappuccino, rolde ik in gedachten vast op de zaken vooruit. Ik kreeg mijn koffie (met flink veel cafeïne, want dat bevordert de bloedsomrol, heb ik ergens gelezen) en we namen samen mijn financiële levensrol door. Het gesprek verrolde verder zonder noemenswaardigheden en was dan ook vrij snel afgerold. Ik rol heus niet in twee sloten tegelijk als het over financiën gaat, liet ik hem terrols nog even weten. “Ik zal u naar de uitgang begeleiden, loo … ik bedoel: rolt u mee?” Deed-ie het weer!

Meer lezen van Corné Ouburg? Lees dan zijn columns op www.burugo.nl.

Rol jij ook over van taalinspiratie? Stuur je column in en wie weet lees je deze terug op onze website. Geplaatste columns worden beloond met een supertof, te gek Taalvoutjes-pakket. 

Woordweetje

Woordweetje: Stelletje rakkers

Woordweetje: Stelletje rakkers

“Rakkers, Dat zijn het!” Het klinkt als een zin uit een kinderboek uit mei 1932. Ik kan er een paar maanden naast zitten, maar toch … Ergens in de n...


Column

Column: Ik ben op jouw

Column: Ik ben op jouw

Tien was ik toen ik voor het eerst een liefdesverklaring op papier kreeg. Een liefdesbrief kon je ’t niet noemen: Ik ben op jouw ben jij op mij? Kruis aan: Ja...


Woordweetje

Woordweetje: de Nobelprijs

Woordweetje: de Nobelprijs

De datum is 13 april 1888. In een lokale Parijse krant leest Alfred Nobel dat ‘ie dood is. Hij controleert zijn hartslag en kijkt in de spiegel. Volgens d...